do, 17/05/2012 Colombo, cloudy, 29℃
030-2311500
Kies bestemming

Kathmandu

VNC Asia Travel

KATHMANDU VALLEI

Kathmandu ligt in het centrum van Nepal en is op circa 1300 meter gelegen aan de heilige Bagmati rivier. De vallei wordt omringd door groene heuvels die tot een hoogte van 2400 meter reiken. Bij helder weer zijn zelfs de besneeuwde toppen van de Himalaya goed te zien.

In de 15e eeuw werd de vallei in drie onafhankelijke koningssteden verdeeld: Kathmandu, Patan en Bhaktapur. Patan, de meest `Boeddhistische' van de drie bevindt zich aan de overzijde van de Bagmati rivier ten zuiden van Kathmandu, zo dichtbij dat er bijna van een uitbreiding van Kathmandu gesproken kan worden. Bhaktapur, wat ook bekend staat als Bhadgaon, is de meeste middeleeuwse van de drie en is gelegen in het oostelijk gedeelte van de vallei.

De vallei is de thuisbasis van de Newari bevolking, die nog steeds de meerheid van de bevolking vormen. Typische Newar dorpen in de vallei zijn Thimi, Bode, Chapagaon-ten zuiden van Patan en Sankhu. Uit andere gedeelte van het land en zelfs uit India zijn migranten naar voornamelijk de buitenwijken van Kathmandu en Patan gekomen en wonen ook in de dorpen die aan de westelijke kant van de vallei liggen. De mensen die in de heuvels rondom de vallei wonen zijn veelal Tamangs.

KATHMANDU

De naam Kathmandu is afgeleid van Kathamandap en betekend huis van hout. Het gelijknamige gebouw staat op het Durbar Plein. De meeste bezienswaardigheden zijn gesitueerd in het oude gedeelte van de stad bij het Durbar Plein.

Met zijn 950.000 inwoners is Kathmandu de grootste stad van het land. Reizigers die op de enige internationale luchthaven van het land binnen komen worden gelijk ondergedompeld in de geluiden, geuren en bezienswaardigheden van deze kleurrijke hectische stad.

Kathmandu Durbar Plein

Kathmandu Durbar Square

Dit plein is het kloppende hart van het traditionele Kathmandu en de belangrijkste trekpleister. Op het plein werden vroeger de hindoeïstische koningen gekroond en ze regeerden tevens vanaf deze plaats. In de 18e eeuw gaven koningen opdracht om tempels en pagodes in Indiase stijl te bouwen om aan de buitenwereld hun rijkdom te tonen. Veel van de tempels zijn bij de aardbeving van 1934 ernstig beschadigd, maar sindsdien weer gerestaureerd of herbouwd. Het koningshuis in Nepal heeft een hindoeïstische achtergrond, vandaar dat op de Durbar Pleinen (ook van Pátan en Bhaktapur) de tempels vrijwel alleen hindoeïstisch zijn. Dagelijks zorgen de vele pelgrims, marktkooplui en toeristen dat dit plein, met zijn middeleeuwse sfeer, een hectische plek vormt.

Koninklijke Paleis

Het oude koninklijke paleis heeft zijn officiële naam, Hanuman Dhoka, te danken aan het beeld bij de toegangsdeur, de naam valt dan ook te vertalen als; `het paleis met het beeld van Hanuman aan de poort'. Hanuman, de legendarische apenfiguur uit de Ramayana, wordt bedekt door een rode mantel en zijn gezicht is sinds lang verduisterd door de rode pasta die gelovige bezoekers op hem smeren. Hij wordt beschermd door een paraplu, en geflankeerd door twee staken met de unieke dubbele driehoekige vlag van Nepal, rood van kleur en afgezoomd met blauw.

Het Koninklijke Paleis is oorspronkelijk in de 17de eeuw gebouwd door koning Pratap Malla. Onder de Shah koningen is het paleis veelvuldig gerenoveerd die hier tot het einde van de 19e eeuw verbleven.

Er zijn veel binnenplaatsen in het paleis, u kunt de meest beroemde, de Nasal Chowk binnenlopen en de top van de oude negen verdiepingen hoge Basantapur Toren beklimmen. Als u binnenkomt, ziet u een artistiek, beeldschoon Beeld van Narsimha, die een demon met zijn nagels vermoordt. De schilderijengalerij aan de linkerzijde bevat portretten van de Shah koningen en de zetels die door de Malla koningen gebruikt zijn. Op het platform in het centrum van deze binnenplaats werd koning Birendra in 1975 gekroond. Soms loopt er een paard, dat beschouwd wordt als een godheid en waar niemand op mag rijden, rondom dit platform.

Rondom de binnenplaats staan vier roodgekleurde gebouwen die allen een oude stad uit de vallei vertegenwoordigen: Kathmandu, Bhaktapur, Patan en Kirtipur. Ze zijn de Bangla of Kirtipur Toren, de Laxmi Bilas of Bhaktapur Toren, de Bilas Mandir of Lalitpur (Patan) Toren en de imposante Basantapur (Kathmandu) Toren of Kailash. Deze torens zijn ook buiten het paleis te zien.

De Malla koningen werden op de eerste verdieping van de Basantapur Toren geboren en ze gaven audiënties op de tweede verdieping. Met hun koninginnen keken ze vanaf de derde verdieping naar het dansen. Vanuit de vierde verdieping keken de koningen voor etenstijd uit over de stad om te kijken of er uit iedere schoorsteen rook kwam; er werd voedsel gekookt en niemand was hongerig. Helemaal vanuit de top kijkt men over New Road, Freak Street en Durban Plein, en ver over de vallei.

De binnenplaats naast het witte gebouw dat in het zuidoosten ligt heeft een tempel waar Malla koningen gecremeerd werden. Hun lichamen werden niet naar de crematie ghats bij de Bagmati gebracht.

Er is ook een klein museum bij de ingang van het Paleis. Dit bevat een collectie voorwerpen die verbonden zijn met het leven van Koning Tribhuvan (1906-1955), de koning die een belangrijke rol speelde bij de invoering van de democratie in Nepal in 1951. Hier valt ook de koninklijke troon van Nepal te zien er is ook een muntenmuseum. De nationale luchthaven van Nepal draagt de naam van deze koning.

Het leven van de koninklijke familie is op 1 juni 2001 dramatisch veranderd. Maar liefst tien leden en directe aanverwanten van de koninklijke familie, inclusief koning Virendra en koningin Aisvarya, kwamen die avond, tijdens een familiediner, om in een regen van kogels uit een machinegeweer. Als dader wordt kroonprins Dipendra opgegeven, die zelf ook is bezweken. Dipendra's neef Gyanendra werd tot regent benoemd en tot koning gekroond. Na herhaalde aanvaringen met de regering moest de koning in 2006 alle macht inleveren.  In 2008 werd de monarchie afgeschaft en moest Gyanendra het Narayanhiti Paleis verlaten.

Jagnath Mandir

Tegenover de ingang van het Paleis staat de Jagnath Mandir. Deze tempel in pagodestijl is bekend vanwege de vele prachtige houtgesneden erotische afbeeldingen.

Beeld van Pratap Malla

Het beeld van de meest beroemde koning Matrap Malla, met gevouwen handen en omringd door vier zonen, staat op een pilaar naast de Jagnath Mandir.

Taleju Tempel

De prachtige Taleju Tempel staat iets ten noordoosten van het Koninklijke Paleis. De tempel is in pagodestijl in 1564 gebouwd door koning Mahendra Malla. De tempel is helaas niet toegankelijk is voor buitenlanders. Ook voor Nepalezen is de toegang alleen mogelijk op het jaarlijks terugkerende Dasain festival.

De tempel staat op trapsgewijs toelopend, vierkanten stenen terras. De grote tempel telt drie verdiepingen en de goudkleurige daken zijn versierd met klingelende klokjes. De balken en wanden hebben veel fraai houtsnijwerk. De Taleju Tempel is opgedragen aan de beschermgodin van de Malla dynastie, Taleju Bhavani. Zij kwam oorspronkelijk uit Zuid-India, maar werd in de 14e eeuw de koninklijke godheid.

Steen Inscriptie

Als men langs de buitenste noordmuur van de Taleju Tempel in de richting van het beeld van Hanuman Dhoka (=entree) loopt, passeert men een in vijftien talen (waaronder Engels en Frans) geschreven inscriptie in steen. Deze inscriptie is afkomstig van de 17e-eeuwse koning Pratap Malla; deze was zowel dichter als geleerde. Volgens de legende spuit er melk uit het midden van de inscriptie als iemand er in slaagt om alle talen te lezen.

Khala Bhairab

De Khala (zwarte) Bhairab is een groot stenen beeld met zes armen en draagt een slinger van o.a. Schedels. Dit afschrikwekkende beeld moet Shiva voorstellen en werd vroeger gebruikt als een leugendetector. Degenen die verdacht werden moesten de voet van dit beeld aanraken en tegelijkertijd de eed zweren dat ze de desbetreffende misdaad niet begaan hadden. Er werd gezegd dat leugens onmiddellijk de dood tot gevolg hadden.

Seto Bhairab

Verborgen achter het lattenwerk op de tempelmuur achter Khala Bhairab is het nog angstaanjagender beeld van Seto (Witte) Bhairab te vinden. Dit beeld is in 1794 gebouwd door Koning Rana Bahadur Shah, de derde koning van de Shah dynastie. Het beeld wordt ook gebruikt als symbool voor de Royal Nepal Airlines.

Slechts enige dagen per jaar, tijdens het Indrajatra festival in september, worden de ramen geopend om het beeld aan het publiek te openbaren. Tijdens deze dagen wordt het gezicht van het beeld met bloemen en rijst bedekt en door de mond van het beeld wordt bier gegoten. Mannen “vechten” om een slokje van het heilige bier te krijgen. Tijdens de overige maanden van het jaar kunt u door het lattenwerk kijken een glimp van de Seto Bhariap opvangen.

Trommels en klok

Tegenover en ten westen van Sweta Bhairab staan een aantal enorme trommels en een klok. Deze zijn in de 18e eeuw gebouwd. Dat gebeurde in navolging van de 60 jaar oudere trommels en klokken van Patan en Bhaktapur. In die tijd werd iedere unieke toevoeging aan een van de valleisteden al snel door de andere gekopieerd.

Shiva Parvati

Naast de trommels en iets verder naar het zuiden is de Shiva Parvati. Uit het venster van de tempel kijken naar afbeeldingen van Shiva en zijn gemalin uit over de activiteiten beneden op het plein.

Maju Deval

De Maju Deval heeft negen platforms en drie daken. Deze tempel, uit 1690 heeft boeiend erotisch snijwerk, en geeft een goed uitzicht over het Durbar Plein. De Maju Deval is waarschijnlijk de populairste ontmoetingsplaats in Kathmandu.

Maru Ganesh

Bovenaan de Pie of Pig Alley, tussen de Maju Deval en de Kastha Mandap bevindt zich de kleine aan de populaire olifantegod Ganesh opgedragen Maru Ganesh Tempel, die voortdurend bruist van activiteit.

Shiva Tempel

Iets ten westen van de Maru Ganesh en vlakbij de Kastha Mandap is een kleine Shiva Tempel. Het platform rond de tempel is de salon van vele kappers.

Kastha Mandap

De Kastha Mandap staat in het zuidwesten van het plein. De tempel in pagodestijl is hoogstwaarschijnlijk in 1596 door koning Laksmi Narasingha Malla gebouwd. De naam Kastha Mandap betekent `houten huis' (kath = hout; manda = huis) en is tevens de oorsprong van de naam Kathmandu. Men zegt dat de tempel met zijn twee daken boven elkaar is gemaakt uit de stam van één boom. In de tempel is in elke hoek een afbeelding in steen van Gorakhnath (Nath-sekte).

Trailokya Mohan

De Trailokya Mohan staat ten oosten van de Kastha Mandap en net ten noorden van de Kumari Devi. De tempel heeft vijf verdiepingen, is gebouwd door Pithvibendra Malla in 1680 en is gewijd aan Vishnu. Dat blijkt ook uit het beeld van de de Garuda die voor de tempel neerknielt. Vanaf het platform van de Trailokya Mohan kijkt u uit op een bonte mengelmoes van groente- en fruitverkopers, pelgrims en toeristen.

Gaddi Baithak

Het witte neo-klassieke gebouw tegenover de Trailokya Mohan valt duidelijk uit de toon op het exotische Durbar Plein. Dit is de Gaddi Baithak, dat in 1908 tijdens de Rana periode is gebouwd als een paleis.
Kumari Devi

Kumari Devi

Aan de zuidzijde van het Durbar Plein staat een hoog wit gebouw, met fraai houtsnijwerk bewerkte vensters en deuren die bewaakt worden door stenen leeuwen. Dit is de Kumari Chowk, een van dé bezienswaardigheden van het Durbar Plein.

In de Chowk woont constant een jong meisje, dat op jonge leeftijd is gekozen om de levende godin van de stad; de Kumari Bahal te worden. In 1757 bouwde koning Prakash Malla het paleis. De grote toegangspoort naast het Kumari Devi verbergt een grote strijdwagen waarmee eens per jaar de Kumari rond de stad gereden wordt.

Als u de toegangspoort onderdoor loopt komt u op een binnenplaats. Deze wordt omringd door balkons die zijn gedecoreerd met meesterlijk 18e-eeuws houtsnijwerk. Misschien is het mogelijk achter een van de vensters een glimp op te vangen van de godin. Ze is een jong meisje en gemakkelijk te herkennen aan de zwarte oogschaduw rond haar ogen die zich uitstrekt tot aan haar oren en aan het haar dat in een knot bovenop haar hoofd is gebonden. Het is niet toegestaan haar te fotograferen.

Op de binnenplaats staat ook mandala op een lotus en een miniatuurstupa met het symbool van Saraswati, de godin van het leren. Niet-Hindoes mogen niet achter de binnenplaats komen.

De maagd Kumari wordt vereerd als een incarnatie van Parvati, de echtgenote van Shiva en is een symbool van zuiverheid en kracht. Het meisje dat deze rol krijgt aangemeten is niet als een godin geboren, en ze blijft dat ook niet voor haar hele leven. De selectie is zeer streng. Ze wordt op ongeveer vijfjarige leeftijd gekozen uit de Newar-kaste van goud- en zilversmeden. Zij dient over 32 goede eigenschappen te beschikken. Een belangrijke voorwaarde is dat zij nooit gewond is geraakt en dat haar bloed nooit heeft gevloeid. Na deze selectie blijven er nog een tiental kandidaten over. Zij worden opgesloten in een donkere kamer waar gruwelijke maskers en vers geslachte buffelkoppen te zien zijn. Er worden dan angstaanjagende geluiden gemaakt vanaf de buitenkant, en het meisje dat het minste vrees toont wordt verkozen. Dit proces is gelijk aan de selectie van de Dalai Lama. Als haar horoscoop niet “vloekt”met die van de Koning dan verblijft zij gezamenlijk met haar familie totdat zij de puberteit bereikt in het huis: de Chowk. Gedurende het daarop volgende Dassein festival dringt de goddelijke geest in haar lichaam binnen. Gelijk met de eerste menstruatie (of voor die tijd als ze een verwonding oploopt) wordt de Kumari weer menselijk en moet er weer een nieuwe godin gekozen worden.

Met het festival van de god Indra, dat in september wordt gevierd en het einde van de moesson markeert, wordt de Kumari gedurende drie dagen in een wagen door Kathmandu gereden. Bij deze gelegenheid zegent zij de koning van Nepal door een rode `tika' op zijn voorhoofd te plaatsen, als dank krijgt zij dan een gouden munt. Curieus is dat net in het sterfjaar van de grootvader van de huidige koning de Kumari erg veel weerstand toonde bij het toedienen van de tika en hiertoe letterlijk gedwongen moest worden.

De Kumari gaat officieel zes maal per jaar naar buiten gedurende de grote festivals, hieronder vallen de grote en de kleine Dasains in oktober en april wanneer ze bij het oude koninklijke paleis, de Hanuman Dhoka verschijnt.

Het instituut van de Kumari gaat circa twee eeuwen terug, naar de laatste Malla koning van Kathmandu, Jayaprakash Malla. Hij had ooit geslachtsgemeenschap met een meisje dat nog in haar voorpuberale fase was. Het gevolg hiervan was dat het meisje kwam te overlijden. De koning kreeg toen een droom, waarin hem werd opgedragen om als boete voor zijn zonde, het instituut van de Kumari te installeren, haar te aanbidden, en haar ieder jaar door Kathmandu rond te rijden. Het is ook mogelijk dat de Kumari al veel eerder bestond, en dat pas onder deze Malla koning de gewoonte van de jaarlijkse rondrit door de stad een aanvang nam. De laatste Malla koning van Kathmandu werd op de dag van het Kumari festival verslagen, en de eerste koning van de huidige Shah dynastie ontving als gewoonte op dezelfde dag zijn zegening.

Het levensonderhoud van de Kumari wordt betaald door de inkomsten van `Guthi', het land dat in het bezit is van de tempels oftewel de godheden. De Kumari krijgt daarnaast ook bijdragen in de vorm van door aanbidders gebrachte offers. De Kumari wordt niet verondersteld naar school te gaan, hoewel zij tegenwoordig wel onderricht krijgt van een haar bezoekende leraar.

Wanneer de Kumari bij het bereiken van de puberteit weer een gewoon mens wordt krijgt ze tot haar huwelijk een regeringstoelage en als ze trouwt krijgt ze een bruidsschat. Het valt een ex-Kumari echter vaak niet mee een echtgenoot te vinden. Er is een sterk bijgeloof dat de man die haar trouwt een grote kans loopt om binnen zes maanden te sterven, tenzij hij zowel mentaal als fysiek erg sterk is. Tegenwoordig leeft dit bijgeloof niet meer zo sterk aangezien in de recente tijd veel echtgenoten hun Kumari zelfs hebben overleefd.

Bhimsen Toren

Ten noorden van het Durbar Plein vindt u in een labyrint van steegjes en drukbevolkte pleintjes het zeer bezienswaardige straatleven van Kathmandu. De witte, minaretachtige Bhimsen Toren (ten zuidoosten van het Durbar Plein) is oorspronkelijk door een Nepalese minister als Klokkentoren ontworpen, zij is niet van groot architectonisch belang maar fungeert als een handig oriëntatiepunt.

Kot

Als u vanaf de Taleju Tempel naar het oosten loopt ziet u tegenover en aan de linkerkant van de Taleju Tempel een binnenplaats die `Kot' wordt genoemd. Hier vond in 1846 een grote slachtpartij plaats, dit was het begin van het 100 jaar durende Rana regime. Gedurende het jaarlijkse Daisan festival vloeit weer bloed, maar nu van honderden buffels en geiten. Soldaten worden geacht met een klap de kop van een beest af te slaan. Het plein is niet toegankelijk voor publiek.
tijdelijk

Pashupatinath

Wat verderop, evenzo aan de linkerkant, bevindt zich een kleine tempel, een replica van de beroemde Pashupatinath die buiten Kathmandu staat. De tempel bevat een kopie van het Shiva-beeld van de `echte' Pashupatinat Tempel, en is verboden te betreden voor alle niet Hindoes. U kunt het vijfhoofdige beeld vanaf de buitenkant zien. De plek rond de tempel heet Makhan (`boter') Tole en staat bekend vanwege de vele winkels die Tanka schilderingen en kleren verkopen.

Indra Chowk en Akash Bhairab

Het volgende plein is Indra Chowk, deze `binnenplaats van Indra', genoemd naar de oude Hindoe god. Het gebouw aan de linkerkant van het plein, met de metalen leeuwen bij de vensters, is de tempel van Akash Bhairab (de Bhairab van de lucht). De vele bloemenverkopers op de binnenplaats verkopen hun waar voor religieuze ceremoniën. Bij een platform onder de Shiva tempel worden wollen kleden en hand geweven tapijten verkocht.

De brede weg rechts, die leidt naar de New Road, is genoemd naar de martelaar die meegeholpen heeft het Rana regime omver te werpen. De winkels langs deze weg verkopen elektronica en andere consumptieartikelen uit Hongkong en Singapore. Een groot aantal Indiërs bezoekt Nepal om hier de goederen te verwerven die niet in India verkrijgbaar zijn. Iets verderop is rechts een nauw steegje waar armbanden en kralen verkocht worden, populair bij de Nepalese vrouwen. De weg die vanaf Indra Cchowk naar links gaat leidt naar Thamel, het bekende centrum voor budgetreizigers in Kathmandu.

Sweta Machhendranath

Vlakbij Indra Chowk richting Rani Pokhara is iets verderop Kel Tole, waar zich (een van de belangrijkste) Boeddhistische tempel van de Witte Machhendranath bevindt. Deze pagode heeft twee verdiepingen, glanzende bronzen daken en in de muren gebedswielen. De tempel is gewijd aan Machhendranath, de Avalokiteshwar Padmapani Boeddha, die ook wordt vereerd als de god van de regen en de oogst.

De tempel trekt zowel Hindoeïsten als Boeddhisten. Op een pilaar bij de ingang staat een interessant Boeddhabeeld. In de tempel zijn kleurrijke schilderingen te zien. In de ochtenden wordt de tempel door talrijke gelovigen bezocht. Er vindt hier in maart en april een festival plaats, waarbij kleurrijke ceremoniën plaatsvinden. De Machhendrnath staat ook bekend als een plek waar vaak traditionele Nepalse muziek is te beluisteren. Aan de rechterkant van de tempel is een aantal winkeltjes die gespecialiseerd zijn in Nepalese hoofddeksels.

Asan

Het volgende plein wordt Asan genoemd. Het is het drukste plein van Kathmandu, en er leiden zes straten naar toe. De drie verdiepingen hoge pagode is die van de godin Annapurna (godin `vol van graan'), terwijl de twee verdiepingen hoge pagode aan Ganesh is opgedragen. Aan de linkerkant ofwel aan de westelijke zijde van het plein bevinden zich winkels die gedroogd fruit verkopen. Op de weg naar het noorden zijn van dag tot dauw vele groente- en fruitverkopers die zich hier op het trottoir genesteld hebben.

Durbar School

Vanaf dit Asan plein zijn er twee wegen die naar het door hekken omsloten meer van Rani Pokhari leiden. Net voordat u het meer bereikt ziet u aan de westkant een groot gebouw. Dit is de vroegere `Durbar School', de oudste school in Nepal waarin Engels wordt onderwezen. De school dateert uit de 19de eeuw, nu is zij echter genoemd naar Bhanubhata, een Nepalese dichter.
Swayambhunath

Swayambhunath

Deze boeddhistische tempel is een mengeling van Indiaans, Tibeaanse Boedshisme en Hindoeisme. De tempel ligt op een heuvel aan de overzijde van de Bisnumati Rivier en is één van de bekendste symbolen van de vallei. Vanaf de oostzijde van de heuvel leiden steile trappen met 365 treden naar boven. Hier ziet u talrijke apen. Deze leven van de offers die de gelovigen brengen Doordat er vele apen bij het park om de tempel lopen wordt deze tempel ook wel de Apentempel genoemd. Aan de zuidzijde van de heuvel is er ook een, minder steil, pad dat naar de tempelcomplex leidt.

Geologen geloven dat de Kathmandu vallei eens een meer was en dat de heuvel van de Swayambhunath tempel een eiland was. De tempel is naar allerwaarschijnlijkheid, een 2000 jaar oude, Boeddhistische tempel. Bovenaan de trap (van de zuidzijde) staat een enorme Dorje (Lamaïstische ceremoniële staf). Op de centrale stupa imponeren de grote alziende ogen van Boeddha, die van vier zijden uitkijken over het universum uit te kijken. De goudkleurige vlakken worden bekroond door ronde banden, die eindigen in een kroon. Ten noordwesten van de stupa staat een tempel in pagodevorm, met daarin een beeld van de godin Harati. Zij was de godin van de mazelen en infecteerde kinderen tot de Boeddha daar een eind aan maakte. Sindsdien beschermt zij tegen kinderziekten. In het complex zijn ook twee tempels in Indiase stijl. Het tempelcomplex is zeer levendig. Ook het uitzicht vanaf de heuvel bij de stupa is de moeite waard. Je hebt hier een prachtig uitzicht over Kathmandu, de vallei en de besneeuwde Himalaya-toppen in de verte.

Nepal Museum

Iets ten zuiden van de Swayambhunath tempel staat het Nepal (Tribhuvan) Museum. Het nieuwe gebouw bevat veel fraai houtsnijwerk en enkele bijzondere bronzen beelden en heeft een tentoonstelling over het leven van koning Mahendra, de vader van de huidige koning van Nepal. In het oude gebouw is een tentoonstelling van de recente Nepalese geschiedenis, met uniformen en wapens uit de laatste twee eeuwen. Het museum is op dinsdagen gesloten.

Pashupatinath Tempel

Door de ligging aan de heilige Bagmati rivier is deze tempel de belangrijkste Hindu- en Shiva tempel van Nepal. De gelovigen die hier komen vereren de god van de dieren: Pashupati. In de tempel is een vierhoofdig 15e-eeuws zwart beeld van hem. De tempel zelf, met tal van heiligdommen waaronder een gouden pagode van twee verdiepingen, is circa 3 eeuwen oud. Dat geldt ook voor de kleine stier voor de tempel. Het grote goudkleurige beeld van een stier (Nandi, Shiva's rijdier) in de tempel dateert uit de vorige eeuw en de achterkant van het beeld kan vanaf de ingang worden gezien. De vier poorten zijn gedecoreerd met zilverwerk.

Bij de ingang van de tempel ziet u mensen die bloemen, wierrook en andere offeranden aan de gelovigen verkopen. Aan de oever van de rivier wonen oude mensen die wachten op de dood. Door in de rivier ritueel te baden of gecremeerd te worden, kan de cyclus van Samsara (wedergeboorte) doorbroken worden. Ondanks dat niet-Hindoes niet toegestaan zijn bij de tempel zijn er toch plekken vrijgemaakt aan de overkant van de rivier waar men op een discrete manier de crematies kan aanschouwen. Er wordt ceremoniële muziek gespeeld en brandstapels worden aangestoken met riet. De overledene is gewikkeld in oranje doeken en ligt op een bamboe draagbaar. De draagbaar wordt op een helling gelegd, zodat het lichaam met de voeten in de rivier ligt. Na dit ritueel wordt het lichaam door de familieleden bestrooid met bloemen en muntgeld. Nadat de kleren discreet verwijdert zijn wordt het lichaam verbrandt. De as wordt na afloop gestrooid in de rivier.

Tweemaal per maand, 11 dagen na volle- en nieuwe maan is `Ekadashi'. Op die dagen zijn er zeer veel pelgrims en is er in de avond een speciale ceremonie, `Arat', waarbij de klokken worden geluid en er vaak gewijde muziek is te horen. In februari en in november zijn er grote tempelfeesten, waarbij mensen zich onderdompelen in de rivier.

Guhyeshwari Tempel

De Guhyeshwarii Tempel staat een paar honderd meter van de Pashupatinath, aan de andere kant van de Bagmati Rivier. Deze tempel is gewijd aan de godin Parvati, de metgezel van Shiva. Een hoge muur om de tempel behoudt niet-hindoeïsten ervan om iets te zien van de tempel. De top is gedecoreerd met vier grote slangen.

Charumati Bihar

De Charumati Bihar of Chabahil staat langs de weg naar Bodnath en wordt omringd door beelden. De oude stupa werd in de 3e eeuw gebouwd door prinses Charumati, de dochter van de beroemde Indiase keizer Ashoka.
Bodnath

Bodnath

Bodnath (de `Verlichte') is een van de grootste stupa's in de wereld. Hij staat ongeveer 7 km ten oosten van Kathmandu, niet ver van de Pashupatinath Tempel. Men zegt dat de 5 eeuwen oude stupa de beenderen bevat van Kashyapa Boeddha, één van de voorgaande incarnaties van Gautama Boeddha.
De basis van de stupa is vierkant. Daarop staat de witte, ronde klok (`garbha'). Op de garbha is een goudkleurige kubus waarop de alziende ogen van Boeddha zijn geschilderd. De vraagtekenvormige "neus" staat eigenlijk voor het Nepalese cijfer 1 ofwel de enige manier om verlichting te bereiken. Op de kubus is een trapvormige piramide-vorm met dertien treden. De stupa wordt bekroond door een metalen ceremoniële paraplu, die is versierd met kleurrijke gebedsvlaggen.

Rondom de stupa zijn vele gebedsmolens, die rondgedraaid het ingerolde gebed voorbrengen. In de muur om de stupa zijn circa 80 Boeddhabeelden te vinden. Het beste tijdstip om Bodnath te bezoeken is in de namiddag als alle toeristen weg zijn.

De stupa van Bodnath wordt omringd door huizen en winkels. Daarin wonen vele Tibetaanse vluchtelingen en Bodnath is dan ook een centrum voor de Tibetaanse cultuur in Nepal. In de winkels wordt Tibetaans handwerk verkocht. Vlakbij de stupa is een Lamaïstisch klooster. Sommige buitenlanders huren kamers in het dorp Bodnath en volgen meditatiecursussen. Dat kan o.a. in het Tibetaanse klooster bij Kopan, enkele kilometers ten noorden van Bodnath.